Augustus 2021


1 augustus 2021

Onrecht

Zomer. Een barbecue in de tuin of op het balkon, een gezellige zwoele zomeravond op een terrasje, het hoort erbij. En zomer is vakantietijd. Even weg uit de sleur van alledag, leuke dingen doen, meer tijd voor elkaar hebben. Half Nederland is nu in heel Nederland op vakantie. Op de campings staat het goed vol. Met uitzondering van Zuid Limburg dan, daar vind je nu alleen wat ramptoeristen. Helaas voor al die vakantiegangers werkt het weer niet erg mee. Het verlangen naar een Spaanse playa wordt er alleen maar sterker van. Volgend jaar dan maar, zullen velen denken en vooral hopen.
Toch is het niet alleen maar pret. De media berichten uitvoerig over al het leed in de wereld. Een bus in Peru die in een ravijn valt, een overstroming in China, een bosbrand in Australië of Canada. Wat moet ik ermee? Wie heeft bedacht dat ik dat moet weten? Wat heeft dat voor nut? Natuurlijk, voor die mensen daar is het verschrikkelijk. En er moet zeker aandacht voor zijn. Maar dan wel aandacht van degenen die iets zinvols kunnen doen. Maar ik? Het is te ver weg om te gaan helpen, ik heb geen gironummer waarop ik wat geld kan storten om de ergste nood te lenigen. Ik heb zelfs geen adres om een bemoedigend kaartje naar toe te sturen.
Toch is er veel leed waar ik wel van wil weten. Omdat het dichtbij is en omdat het me raakt, omdat er sprake is van een groot onrecht. Frédérique die in elkaar geslagen wordt omdat ze geen antwoord wil geven op de vraag of ze een jongen of een meisje is. Wat is dat voor onzinnige vraag van een wildvreemde? En waarom zou ze er antwoord op moeten geven? En bovenal, op grond waarvan moet ze dan in elkaar geslagen worden? En Carlo die op Mallorca zonder zelfs maar enige aanleiding dood wordt geschopt door een groep agressieve, ruziezoekende jongeren die dan ook nog zo laf zij om meteen het vliegtuig naar huis te nemen. Waar slaat zulk gedrag op? Het raakt mij omdat ik niet tegen onrecht kan. Ik wordt er boos van. Als ik het gevoel heb dat mij echt onrecht wordt aangedaan, kan ik woest worden. Dan ben ik even niet die vriendelijke en tolerante goedzak. Maar zomaar iemand aftuigen? Dat nooit!
Ik had het er onlangs met een kennis over. Die was heel even wat weifelend in zijn oordeel. Zo van: “nou ja, misschien teveel gedronken of drugs gebruikt”. Alsof dat een excuus zou zijn. Ik trok een vergelijking. Kwestie van even googelen. Van alle auto’s in Nederland is ruim dertig procent grijs van kleur. En ruim zeventien procent is een Volkswagen. Dus een grijze Volkswagen is normaal. Maar is een gele Ferrari, een rode Subaru of een groene Kia omdat ze minder voorkomen dan abnormaal en dus fout? Anders zijn is echt niet synoniem aan abnormaal. Anders zijn is ook heel normaal. Is het dus oké dat iemand van die auto’s de ruiten kapotslaat en er een paar deuken in trapt? Gewoon omdat hij daar zin in heeft? Of omdat hij vindt dat ze wel anders en niet normaal zijn en dus vogelvrij?
Nee, natuurlijk is dat niet oké! En dan gaat het in mijn voorbeeld alleen maar om fysieke spullen. Frédérique en Carlo zijn mensen. Net als alle slachtoffers van steekpartijen, schietpartijen en ander zinloos geweld. Die lopen blijvende fysieke en psychische schade op. Of gaan er aan dood. Om van het leed van hun familie maar te zwijgen. Een auto heeft daar geen last van.
Ik vraag me af wat er is misgegaan bij de daders. Toen ze heel klein waren maakten ze gemakkelijk vriendjes. Zonder enig onderscheid. Ze hadden het zelfs niet nodig om dezelfde taal te spreken om samen te kunnen spelen. Nu halen ze met misdadig gedrag steeds vaker het nieuws. Dat is in zekere en akelige zin normaal aan te worden. Kom ik toch weer bij mijn eigen normen en waarden uit over wat ik normaal en wat ik acceptabel vind. Want waar ik die rode Subaru natuurlijk volkomen goedkeur, doe ik dat helemaal niet voor dit misdadig gedrag. Onrecht en oordeel, iets om over na te denken op een mooie en zwoele zomeravond.


8 augustus 2021

Niets

Ik zat vanmorgen achter mijn laptop (waarom heet dat eigenlijk achter, ik zit er toch gewoon voor?) Zondagochtend, mijn vaste routine van opstaan, douchen, ontbijten, koffie, was van zaterdag opvouwen en schrijven. Nee dus, vandaag niet. Ik zat naar mijn scherm te staren. Gewoonlijk borrelen er dan allerlei ideeën op, onderwerpen waar ik over kan schrijven. Vanmorgen dus niet, helemaal niets, noppie, nada, niente.
Het is raar, idioot, een gekke gewaarwording dat er in mijn hoofd dan even niets op gang komt. Ik heb bijna altijd ideeën. Ze gaan alle kanten op, zoals de zwerm meeuwen op de foto. Als ik ergens een druktemakertje ben dan is het wel in mijn hoofd. Uiterlijk kom ik nogal eens over als wat rustig en gereserveerd. Het hangt een beetje van de situatie af. Ik kan soms ook behoorlijk dominant zijn. Als ik ergens de leiding over heb weet ik doorgaans goed wat ik wil en kan ik daar ook goed op sturen. Als ik onderdeel ben van een groep zonder een specifieke rol voor mij ben ik echter eerder wat teruggetrokken, afwachtend, bijna verlegen. Het klinkt wat paradoxaal, maar de leiding hebben en daarmee de verantwoordelijkheid voelt voor mij veilig. Het sleutelwoord is invloed. Als ik weet dat ik invloed heb (en dat heb ik echt graag) gedraag ik mij anders. Ik heb ooit mijn ex, die mij vaak wat te stil vond en mij zelfs een keer vroeg of ik wat autistische eigenschappen heb, gevraagd een keer te komen kijken als ik aan het werk was. Omdat ze dan een Monty zou zien die zij eigenlijk niet kende. Helaas heeft zij dat nooit gedaan.
Ik zit vol met tegenstellingen. Vraag mij alsjeblieft niet wie ik nou echt ben en om mijzelf in drie, vier woorden te beschrijven. Ik weet er geen antwoord op. Ik moet oprecht toegeven dat ik niet goed weet wie ik nou in essentie ben. Zouden er mensen zijn die dat wel weten? Ik kan lui zijn en erg actief, lief en chagrijnig, begripvol en egoïstisch. Om maar een paar tegenstellingen te noemen.  Ik kan mezelf dus niet beschrijven met een paar eigenschappen. Ik zou mezelf schromelijk tekort doen. “Monty? Dat is zo’n lieve man”. Ja ja, behalve als ik de pest in heb of een hekel aan je heb.
Eigenlijk is het heel leuk dat mensen zo vol tegenstellingen zitten. Dan zijn ze, ook als ik ze wat langer ken, nog steeds in staat om mij te verrassen. Hé, zo ken ik jou helemaal niet. En andersom natuurlijk ook, kan ik andere mensen verrassen. Dat houdt vriendschappen en relaties natuurlijk wel levend, ook al valt de verrassing een enkele keer misschien wat tegen. Diezelfde ex wilde ook heel graag dat iedere dag in onze relatie iets nieuws bracht, spannend was. Dat is erg gemakkelijk als je elkaar nog maar net kent en er nog zo veel aan elkaar te ontdekken valt. Maar na een aantal jaren huwelijk, waarin je al zo’n beetje alles al hebt meegemaakt?  Het leidde tot boeiende discussies. Hoe hou je het fris terwijl de dagelijkse sleur niet eens op de loer ligt, maar op de bank gewoon tussen ons in zit? Hoe zorg je er voor dat je niet vastloopt in beelden zoals: zo is zij of hij nu eenmaal. Hoe kan je blijven kijken met een blik die de realiteit ziet en niet een karikatuur op basis van eerdere ervaring? Ik heb het altijd moeilijk gevonden. Misschien dat ik daarom niet zo goed ben in het onderhouden van langdurige relaties. Maar misschien zijn, hoe veel ik ook van iemand hou en hoe graag ik me daar ook op aanpas, mijn eigengereidheid en behoefte aan vrijheid (of vrijblijvendheid?) daar wel de spelbreker in. Waar ik overigens wel heel gelukkig van word. Ook al vind ik een relatie fijn, het alleen zijn bevalt me toch wel heel erg goed.
Al mijmerend over dat ik niets weet te schrijven zijn mijn vingers zo vriendelijk om mijn dwalende gedachten op te schrijven. Tot mijn eigen verbazing. Zelfs niets is dan tegelijkertijd ook wèl iets. Ik kan dus nog steeds mezelf verrassen, ook al ken ik mezelf al heel wat jaren. Over tegenstellingen gesproken!


15 augustus 2021

Medevreugde

De zomer wil niet echt vlotten. Nu zijn we de afgelopen jaren natuurlijk wel erg verwend met veel mooi weer. Voor velen soms zelfs te mooi. Temperaturen van 30 graden en hoger worden niet door iedereen gewaardeerd. Door mij wel, het kan mij haast niet heet genoeg zijn. Hoewel, ik heb in de Extremadura in het zuiden van Spanje temperaturen meegemaakt van rond de veertig graden. Dan wordt het ook mij te heet. Ik heb in mijn tijd in Spanje wel geleerd hoe ik ermee om kan gaan. Natuurlijk de weldadige gewoonte van een siësta. En verder me gewoon rustig houden, langzaamaan doen. Mensen die in een tropisch klimaat wonen zijn niet lui, ze zijn verstandig. De zomer begint nu wel een beetje op te schieten. Het wordt alweer vroeger donker, als je goed kijkt zie je in de natuur alweer de eerste tekenen van een naderende kentering van het jaargetij.
Wat mij bij de Olympische Spelen vooral opviel, was hoe verschillend er door deelnemers werd omgegaan met sportiviteit. Bij voetbal kijk ik niet meer op van hooligangedrag, van racistische kanonnades naar een speler met een migratie-achtergrond, zoals dat tegenwoordig heet als iemand een ander geloof dan het christendom of een ander huidskleurtje dan blank heeft. Waar ik wel van opkeek was van een onsportieve Franse marathonloper die met een armzwaai een tafel met water voor de deelnemers leeg veegde. En dat terwijl in de hitte van die dag het bij een marathon van groot belang is om vaak en genoeg te drinken. Later, na alle kritiek, zei hij dat het door onoplettendheid en vermoeidheid kwam. Daar stond dan weer tegenover dat er ook, door mij zeer gewaardeerde deelnemers waren die de Olympische gedachte echt waarmaakten. Een Belgische en Nederlandse marathonloper, in het dagelijkse leven dikke vrienden, die elkaar helpen ondanks de kans dat ze elkaar een medaille kunnen afsnoepen. Het werd beloond met zilver en brons. Twee Italiaanse hoogspringers die de gouden plak delen, omdat een van de twee bij een gelijke prestatie afziet van een poging de ander te overtreffen omdat hij de ander ook goud gunt. In het Boeddhisme heet dat medevreugde.
Wat mij betreft mag er bij de volgende Spelen een categorie medailles bijkomen: goud, zilver en brons voor de grootste mate van sportiviteit. Maar misschien is dat een minder gelukkige gedachte. Dan wordt dat ook weer een wedstrijdje in aftroeven, terwijl het juist er om gaat samen zo veel mogelijk plezier te hebben aan de sport die je samen beoefent. En het zou nog fijner zijn als we in ons dagelijks leven elkaar ook wat meer konden gunnen en wat minder op elkaar zouden afgeven en neerkijken, er minder afgunst en meer medevreugde zou zijn. Zoals een vriendin die er helaas niet meer is mij hierin voor altijd tot voorbeeld is. Waarmee dit verhaal niet alleen een eerbetoon aan die sportieve sporters is, maar bovenal aan die vriendin.


22 augustus 2021

Absurd

Ik hou van taal. Dat hebben jullie natuurlijk allang ontdekt, ik zit iedere week een stuk tekst uit mijn toetsenbord te schudden. Wat mij boeit is het ongerijmde in onze taal. Woorden of uitdrukkingen waarvan ik geen idee heb hoe ze zijn ontstaan en waarom er iets niet aan lijkt te kloppen. Zo valt in het weerbericht vaak de term “onstuimig”. Dat woord wordt vrijwel nooit in een andere combinatie gebruikt. Wat ik er maf aan vind is dat het woord stuimig wel bestaat maar echt nooit wordt gebruikt. En dat stuimig en onstuimig geen tegendelen van elkaar zijn, zoals dat normaliter bij bijvoorbeeld waar en onwaar wel het geval is. En eerlijk gezegd vind ik stuimig, dat oorspronkelijk “niet rustig” betekent zeer toepasselijk en zelfs logischer dan onstuimig met dezelfde betekenis.
Zo zijn er nog veel van die vreemde woorden: ongerepte natuur. Wel eens van gerepte natuur gehoord? Ik niet. En wat is dan het werkwoord: reppen of repen en wat betekent dat?
Zo kan ik nog veel voorbeelden geven. Maar dan wordt dit een saai verhaal. Ik zou het natuurlijk kunnen uitzoeken in een etymologisch woordenboek, maar daar begin ik niet aan. Ik vind het niet leuk om altijd alles te snappen. Het me kunnen blijven verwonderen is me te lief. Het houdt me jong. Ik kwam op dit onderwerp omdat ik me soms zo kan verbazen over het onverwachte en het ongerijmde.
Dat onverwachte en ongerijmde kom ik vaker tegen, uiteraard op plekken en momenten waar ik dat niet verwacht. Dat is logisch, zou Johan Cruyff zeggen. De bijgaande foto nam ik op een wandeling langs de Goorloop, vlak buiten mijn dorp. Een gigantisch aardappelveld, in de verste verte geen koe te bekennen. En dan niet één maar vier van deze palen langs het veld. Het bordje waarschuwt dat koeien ziek worden van hondenpoep. Dat zal best, al denk ik eerder dat een hond bij de koeien eerder tot ongewenste partijen achter elkaar aan rennen zou leiden. En die piepers weten wel raad met een ferme hondendrol, gewoon aardappels van maken. Zo gepiept. Op dezelfde wandeling kwam ik nog een bordje tegen dat duidelijk op de verkeerde plek stond. Maar die houden jullie van mij tegoed.
Ik houd dus ook van absurde humor. Grappen die de logica tarten of een volstrekt onverwachte wending hebben.  Zo van: “Mam, wat doet de ooievaar nadat hij de baby heeft afgeleverd? Op de bank liggen, bier drinken en voetbal kijken”.  Of: “De cursus omgaan met teleurstellingen kan vandaag helaas weer niet doorgaan” (Herman Finkers).
Wat ik aan dit alles zo leuk vind is de verrassende andere kijk die het mij oplevert. Lang geleden volgde ik een korte clownsopleiding. Als ik dan soms toch graag de pias uithang, dan ook maar meteen goed, nietwaar? Een van de oefening was gericht op zonder oordeel waarnemen, niets classificeren, niet meteen weten wat het is. En dat is verrekte moeilijk. Ik betrap me er nu nog steeds op dat als ik een vogeltje zie, ik meteen ga nadenken hoe die heet in plaats van te genieten van hoe mooi hij is. Er zijn altijd andere wendingen, mogelijkheden, zelfs andere waarheden. Het houdt me scherp en alert, me ervan bewust dat niets zeker is, alles normaal is. En dat alles volstrekt anders kan gaan of zijn dan ik ooit zou kunnen bedenken. Ik zie het als een soort van hersengymnastiek. Wandelen en fietsen houdt mijn lijf in goede conditie, open staan voor steeds weer verwondering houdt mijn geest fit.
En dan nog even dit: de komende drie zondagen geen verhaal en foto van mij. Ik ga op vakantie. Op 19 september pak ik het weer op, met een beetje mazzel met een hoofd vol leuke ideeën.