Juli 2021


4 juli 2021

Vallen en weer opstaan

Ik weet niet goed wat ik moet denken van wat er op tv wordt aangeboden. Het is volop komkommertijd. Dus veel herhalingen en minder interessante programma’s. Het enige dat mij nu een beetje boeit is sport: EK voetballen en de Tour de France. Eerlijk gezegd kan het mij echt niet schelen wie er wint. Ik vind de spelletjes en wedstrijdjes gewoon leuk. Voetballen is nu vooral leuk als er landen tegen gedoodverfde winnaars moeten spelen. En dan winnen, want ik heb beslist leedvermaak als dat ten gunste van de underdog afloopt. Heerlijk als de afloop van het toernooi onvoorspelbaar wordt. En heerlijk om te zien hoe spelers uit hun dak gaan bij onverwachte successen. Portugal naar huis, Duitsland naar huis? Jammer voor ze, maar ik vind het prima. En de Tour is leuk als er een bergetappe is. Dat gezwoeg en geworstel om boven te komen. Lang geleden heb ik een volstrekt mislukte poging ondernomen om op mijn racefiets in de Pyreneeën een berg op te fietsen. Binnen een kilometer stond ik hijgend en puffend naast mijn fiets. Niet te doen. Dus ik kijk met bewondering naar de renners die hellingen van 10% en meer oprijden alsof het vals plat is. En geweldig hoe ze zich met ware doodsverachting weer van de berg af laten vallen. Ruim 80 kilometer per uur, en dan ook nog op een nat wegdek. In mijn jonge jaren scheurde ik eens onbezonnen met 60 omlaag van de Grand Ballon in de Vogezen. Het is kicken als ik daarbij dan ook nog een auto inhaal.  Maar toen ik met rokende remblokjes beneden was vond ik het toch niet zo’n goed idee. Ik mag graag dingen een keer proberen, maar soms is één keer wel genoeg. Gezond en wel weer thuis komen heeft toch ook wel wat.
In de Tour vind ik de etappes met idioot lange afstanden over de vlakke weg ronduit saai. Wielrenners die urenlang kilometers wegmalen terwijl er eigenlijk niets gebeurt. Mart Smeets noemde dat ooit “bewegend behang”. Wat mij betreft een terechte kwalificatie. Sommige van mijn kennissen kijken alleen maar naar de Tour de France om de mooie plaatjes van het landschap en de kastelen.
Wat mij opvalt is het gigantische verschil in gedrag en mentaliteit van de wielrenners en voetballers. Als voetballers een tikje krijgen gaan ze jammerend en schreeuwend naar de grond waar ze zich zo lang mogelijk blijven aanstellen. Ze laten zich zo graag vallen. Het is zeer zelden dat er werkelijk een serieuze blessure is. Bij wielrenners is dat anders, die jongens zijn pas echt goed in vallen. Die weten wat vallen en pijn lijden betekent. Ze tuimelen soms met horden tegelijk en bij een snelheid van boven de 50 kilometer per uur keihard tegen de kasseien. En dan staan ze gewoon weer op en pakken hun fiets, of een nieuwe als de oude er door de val te beroerd aan toe is. Om vervolgens gewoon verder te fietsen alsof er niets aan de hand is. Ik heb met verbijstering zitten kijken naar een valpartij van het halve peloton. Een puinhoop op de weg. En vrijwel geen uitvallers, maar renners vol pleisters en verband (één werd er zelfs gekscherend ”de mummie” genoemd) die verder gaan waar ze gebleven waren. Zonder gejammer en geschreeuw, zonder aanstellerij. Nu hebben die voetballers daar natuurlijk wel een beweegreden bij: de scheidsrechter beïnvloeden in de hoop dat de dader een gele of rode kaart krijgt. Maar scheidsrechters trappen daar gelukkig gewoonlijk niet in. Bij wielrenners is er geen scheidsrechter die kaarten uitdeelt.
Maar toch. Ik heb aanzienlijk meer respect voor die bikkels op hun fietsjes. Die doen waar het in dit leven om draait: je best doen om er wat van te maken, vallen, opstaan en weer doorgaan. Cassius Clay, oftewel Mohammed Ali, zei ooit: ik ben helemaal geen betere bokser dan al die anderen. Het verschil is dat ik, als ze mij hebben neergeslagen, altijd weer opsta en doorvecht. Dan verdien je wat mij betreft een bloemetje. En die voetballers mogen van mij ophouden met dit gedrag. Daar wordt dat spelletje alleen maar leuker van.


11 juli 2021

Jarig

Niet zo lang geleden was ik jarig, alweer. Ik ben inmiddels al zo vaak jarig geweest dat het nieuwe er wel wat van af is. En eerlijk gezegd het leuke eigenlijk ook. Oud worden vind ik daarentegen wel fijn. Het kost me ook nauwelijks moeite. Buiten het  onderhoud van lijf en leden, bestaande uit gezonde maaltijden en een dagelijkse wasbeurt, hoef ik er vrijwel niets voor te doen. Ik heb het echter niet zo op verjaardagsfeestjes, zeker niet als het die van mijzelf zijn. Als kind had ik er al een hekel aan, ik was te verlegen en onzeker om er wat van te maken. De laatste keer dat ik een echt feest gaf was toen ik een kleine eeuwigheid geleden vijftig werd. Ik kan niet zo goed tegen de drukte. Al is het maar omdat, als er veel mensen tegelijk praten, ik niemand meer versta. Je zult mij dus ook niet in een café vinden. Mijn ex was ooit eens echt boos op mij omdat ik niet reageerde toen iemand die naast mij stond mij wat vroeg. Zij vond mij onbeschoft. Ik had echter geen flauwe notie dat er iemand tegen mij praatte. Ik hoor in dat soort situaties alleen maar een onontwarbare kluwen herrie. Veel mensen schijnen dit ook te hebben. Om het mijn ex te laten begrijpen heb ik ooit eens het geluid van veel tegelijkertijd pratende mensen opgenomen en dat achterstevoren afgespeeld. Zo klinkt het voor mij, zei ik. Gelukkig begreep ze het toen.
Maar terug naar verjaardagsfeestjes. Ik vind ze gewoon niet leuk. Dan ben ik jarig en alleen maar druk bezig in de keuken met gebak, drankjes, hapjes. Gek genoeg is dat precies de plek waar ik op het feestje van iemand anders graag te vinden ben, maar dat is om de herrie te vermijden.
Cadeautjes hoeven voor mij niet. Ik ben wel altijd blij met de appjes, kaartjes, telefoontjes. En er is altijd wel iemand die voor een bloemetje zorgt. Dat voelt echt feestelijk aan.
Wat ik tegelijkertijd komisch en ergerlijk vind zijn de zogenaamde felicitaties van organisaties. Die hebben soms de datum van mijn verjaardag in hun systeem zitten en sturen mij dan per e-mail een “cadeautje”. Dat is dus korting op een product dat ik niet wil hebben en dat mij geld gaat kosten als ik het cadeau in ontvangst neem. Het lijkt er veel meer op dat zij mijn verjaardag aangrijpen om zichzelf een cadeautje te geven in de vorm van wat extra omzet en een oppoetsbeurt voor hun imago. Wat bedrijven op het gebied van reclame uitspoken vind ik sowieso vaak meelijwekkend. Het zijn soms zeer merkwaardige pogingen om een bepaalde beleving aan hun product te koppelen, gepaard gaande aan een volslagen gebrek aan feitelijke informatie waar ik iets aan heb. En ik zie acteurs die zich daarvoor laten inhuren fratsen vertonen waarvoor ik me dood zou schamen, zo onzinnig. Koplopers zijn wat mij betreft op dit moment de bedrijven die luid van de daken schreeuwen dat hun product uitermate geschikt is om mooie herinneringen te creëren. Herinneringen maken is de nieuwe modekreet bij reclamemakers. Bij een vakantie kan ik me dat nog een beetje voorstellen. Maar bij een keuken? Volgens mij is die er om iedere dag een lekkere maaltijd te creëren. Of hapjes en drankjes bij een verjaardag. En om af te wassen natuurlijk. Mij al die maaltijden herinneren is iets dat ik zelfs niet ga proberen, onbegonnen werk. Daar heeft de een of andere uitgekookte slimmerik het kookboek voor uitgevonden, wat gezien het enorme aantal een regelrecht kassucces is. En mijn herinnering aan een erg leuk etentje ontstaat aan tafel met mijn gasten, niet in de keuken bij het koken.
Dat geldt ook enigszins voor mijn verjaardagen. Degene die het leukste waren en die ik mij goed kan herinneren waren de keren dat ik het vierde met slechts een paar mensen die mij lief zijn. Daar kijk ik met erg veel plezier op terug. Maar niet weemoedig, want er komen nog genoeg gelegenheden voor een leuk en dus klein feestje of etentje. Daar heb ik geen verjaardagen voor nodig.


18 juli 2021

Buizerd

Wat een week. De georganiseerde misdaad die rücksichtslos tegenstanders uit de weg ruimt, overstromingen van een vrijwel ongekende omvang. En dan valt dat laatste in Nederland gelukkig nog mee als je ziet wat er in onze buurlanden allemaal aan de hand was. Het water zakt snel, maar de nasleep gaat beslist erg traag. Om nog maar te zwijgen over hoe lang het duurt voor we weer een land zijn waarin strijders voor gerechtigheid ongehinderd hun werk kunnen doen en weer veilig over straat kunnen lopen.En dan ook nog corona, dat zich weer veel te snel verspreidt. Even sorry zeggen voor inschattingsfouten is wat mij betreft echt onvoldoende, slechts mosterd na de maaltijd. Als zinnig mens weet je toch dat de anderhalve meter niet gerespecteerd zal worden als je vrijwel alle maatregelen loslaat. En nu zitten we weer met de gebakken peren. Terwijl we juist zo ver gekomen waren en vakanties in zonnige oorden weer binnen handbereik lagen. Gelukkig zijn er ook nog wel geluksmomentjes. Deze week liep ik alsnog een wandeling in de omgeving waar ik eerder in de week met vrienden aan begonnen was. Ik had die toen afgebroken omdat ik mij niet lekker voelde. Dus een paar dagen later alsnog een keer gedaan. Uiteraard ging mijn camera mee. Een vrouw die haar hond uitliet sprak mij aan. Ze had vlakbij een jonge buizerd op een hekje zien zitten. Ik er na een leuk babbeltje naar toe. Omdat er nog een brede sloot tussen mij en de vogel zat moest ik op afstand blijven. Hij zat mij even wat verstoord aan te kijken om vervolgens weer door te gaan met in de verte staren. Vast een goede oefening voor later als hij groot is en vanaf een flinke hoogte muizen moet zien te spotten. Ik had helaas geen telelens bij me, maar het resultaat viel me niet tegen. Toen ik een uur later weer langs kwam zat deze schoonheid nog steeds op dezelfde plek. Wachtend op pa of moe die eten kwam brengen, zo vroeg ik mij af. Toch wel fijn als je nog niet volgroeid ben en je ouders voor je zorgen. Volwassen worden en op eigen benen staan (nou ja, zo iets dan) kon zo te zien nog wel even wachten. Terwijl ik wat heen en weer liep om het juiste standpunt voor nog een paar foto’s te vinden kwam een andere vrouw aanlopen. Het leidde weer tot een leuk gesprek. Zij was ook met hond, kennelijk een populair tijdverdrijf. Zeker nu door het vele thuis zitten, zeker nu als gevolg van corona vrijwel iedereen een huisdier heeft aangeschaft. Leuk voor de mensen, zolang het duurt. Maar ook leuk voor die huisdieren?We raakten in gesprek, zij was verwonderd over hoeveel verschillende dieren ze op haar wandelingetjes met haar spaniël tegenkwam. Tot tientallen zoetwaterkreeften aan toe, toen de sloten een keer waren schoongemaakt en er veel materiaal op de oever was gedumpt. Helaas wel de Amerikaanse rivierkreeft. Een krengetje dat weliswaar erg lekker smaakt, maar Nederland verovert en heel wat andere waterdieren ernstig bedreigd. Waarschijnlijk zijn de eerste ooit ontsnapt of gedumpt en hebben ze zich vervolgens in ons luilekkerland gevestigd. Dat gebeurt helaas ook met schildpadden. Ze worden te groot, ze zijn niet interessant meer, dus weg ermee. In de vijvers vlakbij mijn huis leven een aantal, vrij forse waterschildpadden. Ooit gekocht omdat ze zo leuk leken, maar te groot geworden en op uitgekeken, en dus in een sloot gekieperd. Je kan er maar van af zijn. Maar ja, daar staat al goed nieuws dan weer tegenover dat door de overstromingen een koe in de Maas terechtkomt, die dan 100 kilometer meedrijft om uiteindelijk door oplettende mensen gezien en door de brandweer gered wordt. Daar wordt je toch gewoon blij van? En het is fijn om bij zulke toevallige ontmoetingen en vriendelijke gesprekjes te merken dat, ondanks al het grote leed, er volop mensen zijn die hun hart op de juiste plek hebben zitten. Om warm van te worden in een soms kille wereld.


25 juli 2021

Verandering

Er is in deze tijd van het jaar weinig leuks op tv. Het is zomer en dus zijn er vooral veel herhalingen. En natuurlijk een toenemend aantal programma’s die ik gluurshows noem. Ze bestaan steeds weer uit het voyeuristisch meekijken met andermans ellende. Er zijn maar bar weinig tv programma’s die ik niet wil missen. Twee reisprogramma’s: Dwars door de Middellandse Zee. Gek genoeg met als subtitel “de zon achterna” terwijl ze tegen de zon inreizen. En Reizen Waes. Dit programma is soms schokkend interessant. Tom Waes reist naar wel heel bijzondere plekken in Europa. Plekken waarvan we weinig weten en waarvan we misschien ook wel liever weinig willen weten. Een dorpje in Spanje waar huizen vrijwel gratis zijn en het economisch heel goed gaat, dankzij de zeer onorthodoxe werkwijze van de burgemeester. Het is een regelrechte en zeer confronterende aanklacht tegen ons economisch bestel. Een burgeroorlog in Noord Ierland die gewoon doorgaat. Er wordt nog steeds met bommen gegooid ook al doen we net alsof het daar vrede is tussen de katholieken en de protestanten. Corruptie in Azerbeidzjan, Inuit op Groenland (Is dat Europa? Ja, het hoort bij Denemarken) die in een griezelig tempo hun cultuur kwijtraken met een enorme sociale ontwrichting tot gevolg. Tom Waes belicht een kant van Europa die we liever ontkennen omdat het niet spoort met de illusie van een Europa dat zijn zaakjes zo goed voor elkaar heeft.
En dit programma wil ik echt voor geen goud missen: Zomergasten. Afgelopen zondag begon een nieuwe serie met interviewer Janine Abbring. Ditmaal met Floris Alkemade, de rijksbouwmeester. Wat mij raakte was de stelling dat alles in beweging is. En dat we verlangen naar stilstand omdat we geen verandering willen. We willen tegen beter weten in geen verandering want we hebben zoveel behoefte aan zekerheid. Toch is alles wat we hebben het gevolg van verandering en beweging. Voor creatie is vernietiging noodzakelijk. Geen nieuw zonder afscheid van oud. En hij wees op het belang van traagheid, de tijd nemen, niet overal snel achteraan rennen.
Janine heeft altijd boeiende gesprekken met interessante mensen die een inkijkje geven in hun gedachtewereld. En mij daarmee een aanzet geven tot reflectie. Ze is een verrekt goede interviewer want ze stuurt de gesprekken met haar gasten langs duidelijk lijnen en ze laat tegelijkertijd veel ruimte voor wat zich in het gesprek aandient. Dat kan alleen maar als ze zich goed voorbereidt. Niet door een strak schema met vragen op te stellen, maar door een helder schema met onderwerpen te hebben dat voortkomt uit het zich echt verdiepen in de persoon en wat die te bieden heeft en niet in wat ze zelf wil weten. Ze is in mijn ogen dus zo goed omdat ze niet geïnteresseerd lijkt in kijkcijfers, in haar imago. Maar omdat ze vooral geïnteresseerd lijkt te zijn in haar gesprekspartner. Dat is volgens mij sowieso een goed startpunt voor iedere relatie, of het nu in een interview is of dat het je partner, je vrienden of je buren betreft.
Ik weet uit ervaring hoe lastig dat vaak is, omdat het zo fijn is om te vertellen wat ik zelf wil melden. Zelf interessant willen zijn dringt zich dan gemakkelijk naar de voorgrond en wint het dan op zijn sloffen van mijn interesse in de ander.
Maar ja, alles verandert nu eenmaal voortdurend: corona, het klimaat, hoe de maatschappij in elkaar steekt, alles in de natuur. Ik denk wel mijn hele leven lang dat ik nog steeds dezelfde jonge god van vroeger ben, maar ik wordt onvermijdelijk ouder en dus verandert er ook veel in mij. Wat ik nodig heb (en eigenlijk iedereen) is verbeeldingskracht als motor voor verandering en daarmee voor mijn eigen geluk. Het is soms zo verleidelijk om vast te houden aan oude gewoontes en denkwijzen. Vasthouden aan wat was, daarover treuren en daarnaar terugverlangen levert echter geen geluk op. Verbeeldingskracht daarentegen heeft iets magisch. Het richt zich op wat wel zou kunnen in plaats van op wat er niet meer is. Door een beeld te vormen van de toekomst helpt het om met de stroom mee te bewegen in plaats van te verkrampen. Het leidt niet alleen tot aanpassen aan een steeds weer nieuwe werkelijkheid, het leidt ook tot het creëren daarvan. Weemoed maakt plaats voor verlangen, melancholie voor blijheid. Mooi toch?